Luis Anxo geldt als een van de voorvechters en belangrijkste producenten van Ribeiro in Galicië. Toen de streek steeds meer op volume draaide en palomino en garnacha tintorera vooral voor bulkwijn werden aangeplant, koos hij een andere richting. Hij keerde terug naar de tradities van zijn overgrootouders in Noordwest-Spanje.
In 1988 begon Anxo als colleiteiro: een kleine wijnboer die uitsluitend druiven uit eigen wijngaarden gebruikt. Zijn vijf hectare beplantte hij opnieuw met traditionele, lokale druivenrassen. Vervolgens ging hij daar op kleine schaal ambachtelijke wijnen van maken. Dat doet hij nog altijd.
Voor deze witte Os Pasás gebruikt Anxo treixadura, albariño, lado en torrontés. De druiven groeien met bijzonder lage opbrengsten in minuscule terraswijngaarden op steile granietbodems. Na de handmatige oogst vergist de wijn spontaan in roestvrijstalen tanks, gevolgd door rijping op de gisten. Om zoveel mogelijk smaak te behouden, bottelt Anxo hem zonder filtering of klaring.
Het resultaat is een eigenzinnige, pure witte wijn met subtiele tonen van steenfruit, bloesem en zilte mineraliteit. De structuur is fraai romig en de afdronk houdt lang aan. In iedere slok klinkt het graniet van de steile Galicische terrassen door.