Zijn druiven groeien in Rueda, dé Spaanse wijnstreek voor Verdejo. Ze worden ’s nachts geoogst, wanneer de wijngaarden zijn afgekoeld. Zo komen de druiven zo koel en vers mogelijk in de kelder aan. Na het persen vergist het sap op lage temperatuur in roestvrijstalen tanks. Die aanpak houdt het fruitige karakter van de druif helder en levendig.
In de wijn vind je expressieve tonen van peer, perzik en anijs. De smaak is sappig en verfrissend, met een soepele lijn die de wijn toegankelijk maakt. Alsof de koelte van de Rueda-nacht nog even in het glas blijft hangen.