Barbaresco en Barolo liggen slechts tien kilometer van elkaar, en toch geven ze nebbiolo een ander gezicht. In Barbaresco rijpen de druiven eerder. De wijnen zijn er doorgaans eleganter en toegankelijker dan in Barolo.
Rizzi kiest bewust voor een klassieke werkwijze, zonder nieuw eikenhout of kleine vaten. De Pajoré is afkomstig uit de beroemde gelijknamige cru-wijngaard. De stokken staan op zuid-zuidwestelijke hellingen, op 300 meter hoogte: een bijzonder gunstige ligging. De naam Rizzi verwijst naar een van de vier crus van Barbaresco. Het 35 hectare grote domein is eigendom van Enrico en Jole Dellapiana.
De druiven worden met de hand geplukt, vaak pas in oktober, waarna de vergisting in tanks volgt. Vervolgens rijpt de wijn twaalf maanden in oude vaten van 600 liter en nog acht maanden in betonnen kuipen. Zo blijft het karakter van nebbiolo helder en onvervormd door geur of smaak van nieuw hout. Pajoré toont zich verfijnd en elegant, met rijpe tannine en fraaie rijpingstonen: een Barbaresco waarin klassieke ingetogenheid juist lang blijft hangen.